De jonge vrouw die ik was op achttien
- lisalefevreprive

- 11 minuten geleden
- 4 minuten om te lezen
Lieve jij,
Vandaag is het augustus en het regent. Dat zul je fijn vinden, want jij houdt van regen zoals andere meisjes van muziek houden. Je hebt hem nooit kunnen benoemen, die liefde. Iedereen om je heen klaagt over natte schoenen en verpeste picknicks, en jij blijft stiekem hopen op donderwolken. Ik wilde je alvast zeggen dat het overgaat. Niet de liefde voor regen, die blijft. Maar de schaamte die eronder ligt: die diepere schaamte omdat je diep vanbinnen weet dat je van aparte dingen houdt, van dingen waar de anderen niet eens aan denken. Dingen die je nog geen naam durft te geven. Ook die schaamte gaat weg. Sneller dan je denkt. Je bent achttien wanneer ik je deze brief schrijf. Je woont nog in dat kleine appartement in Gent met de scheve keukendeur. Je studeert iets waarvan je nog niet weet dat je het niet zult afmaken. Je bent verliefd op een jongen wiens naam ik hier niet zal noemen, uit hoffelijkheid tegenover jou en tegenover hem. Wat ik je wel alvast vertel: op een dag zul je moeten kiezen tussen hem en het werk dat je stiekem aan het ontdekken bent. Je zult voor het werk kiezen. En je zult het hem niet durven zeggen. Je zult in plaats daarvan verdwijnen, zonder brief, zonder uitleg, met een lafheid die je nog jaren met je mee zult dragen. Ik neem het je niet kwalijk. Je was achttien, en je had nog geen taal voor wat er in jou aan het gebeuren was. Maar wees zacht voor hem, in je herinnering. Hij verdiende meer dan een lege drempel. Ik weet wat je 's avonds bang maakt. Dat het leven al bezig is en dat jij er niet bij bent. Dat jouw kaarten anders zijn bedeeld dan die van de anderen, dat je al zo vroeg alleen hebt moeten wonen, dat er geen tafel was waaraan je vanzelfsprekend thuiskwam, dat het woord „normaal” altijd voor iemand anders bleek gereserveerd. Ik wil je zeggen dat je daar om mag rouwen. Rustig, en zonder haast. Dat verdriet gaat niet weg omdat je er hard genoeg overheen leeft. Het gaat weg wanneer je het eindelijk ergens mag neerleggen. En dat andere ding, dat je 's avonds op je matras naar het plafond ligt te overpeinzen: dat je niet weet hoe je een relatie moet opbouwen, hoe je iemand bij je moet houden zonder in paniek te raken, hoe je iemand in het licht kunt liefhebben zonder eerst weg te lopen... ook dat leer je. Trager dan je zou willen. En op een manier die niemand je bij voorbaat had kunnen uitleggen. Maar je leert het! En je leert het beter dan de meesten, omdat je eerst hebt moeten uitzoeken hoe je alleen kon zijn zonder eenzaam te worden. Er komt een moment, je hebt het nog niet gezien, het staat nog vele bochten verderop... waarop je een deur openduwt die niemand van je verwacht dat je opent. Eerst in het geheim. Jaren in het geheim. Je zult twee levens naast elkaar leven, en één van die twee zal je alleen aan jezelf durven vertellen. En dan, ook dat komt, zul je de deur wijd opengooien en publiek maken wie je bent. Niet omdat je het tegen dan makkelijker hebt gevonden. Maar omdat je op een dag zult beslissen dat een leven in de schaduw zwaarder weegt dan een leven in het licht, hoe hard dat licht ook wordt. Er zullen mensen zijn die je erom veroordelen. Er zullen mensen zijn die stil worden aan tafel wanneer je vertelt wat je doet. Er zullen vriendinnen zijn die je niet meer op hun bruiloft uitnodigen. En het zal je pijn doen, meer pijn dan je op je achttiende voor mogelijk houdt. Maar ik moet je vertellen wat je aan de andere kant zult vinden. Een huis dat je zelf hebt gebouwd. Een werk waarin je meer over mensen leert dan de meesten in een heel leven. Vrouwen die je zusters worden op een manier die geen bloedband kan evenaren. Mannen die op de rand van je bed hun echte gezicht laten zien, een privilege dat weinigen ooit krijgen. Rust, wanneer het jouw huis is en jij de sleutels bezit. Een lichaam dat je hebt leren kennen, respecteren, verdedigen. En, dit had ik je op je achttiende moeten kunnen beloven: waardigheid. Diep, onaantastbaar, van jou. Je zult ook fouten maken. Veel. Sommige zul je nooit helemaal repareren. Ik zal je die niet opsommen, je hebt recht op de verrassing van het leven, en ik wil je die niet afpakken. Maar ik wil je één ding zeggen, iets wat ik zelf pas na jaren geleerd heb: het is nooit de weg die je verkeerd bewandelt. Het is alleen de manier waarop je hem loopt. En jij, de vrouw met de scheve keukendeur, met haar houden van regen en haar geheime angst dat ze te laat is... jij loopt hem goed! Ik zit hier vandaag in een huis dat ik als meisje niet had durven dromen, en ik schrijf jou vanuit een leven dat ik als meisje niet had kunnen bedenken. Alles wat je nu vreest te verliezen, ga je vinden op een plek waar je niet zocht. Wees niet bang. Er wacht een vrouw op je die je gaat worden. En zij is trots op je. Liefs, Lisa- een beetje ouder




Opmerkingen